Een praktijkvoorbeeld van één stap terug. Stel dat je geen oorlog wil. Je wil gewoon leven. Je wil dat je kinderen veilig zijn, niet dat mensen sterven en je wil al helemaal niet zelf naar een slagveld. Dan hoor je dat een ander land een bedreiging vormt. Het bewapent zich. Zijn leiders doen dreigende uitspraken. Er verschijnen berichten over troepenbewegingen. Deskundigen waarschuwen voor wat er zou kunnen gebeuren.Je hoort het niet één keer. Je hoort het steeds opnieuw. Langzaam kan er iets veranderen. Niet noodzakelijk aan wat er gebeurt, maar aan hoe je naar wat er gebeurt kijkt. En precies daar kunnen we één stap terug doen.
Dit is het eerste artikel in de reeks 1-stap- terug en de actualiteit.
Wat is de gebeurtenis?
Dat lijkt een eenvoudige vraag, maar juist hier begint de moeilijkheid. Want wat is er daadwerkelijk verschenen? Misschien heeft een regering een bepaalde uitspraak gedaan. Misschien zijn er troepen verplaatst. Of is de defensiebegroting verhoogd. Mogelijk heeft een leger daadwerkelijk een ander land aangevallen.
Dat zijn gebeurtenissen. Maar al heel snel verschijnt er meer:
‘Ze vormen een bedreiging voor ons.’
‘Ze zullen ons aanvallen.’
‘We moeten ons voorbereiden.’
‘Er is geen andere mogelijkheid.’
Die zinnen kunnen heel begrijpelijk zijn. Ze kunnen zelfs uiteindelijk juist blijken. Maar het zijn niet meer dezelfde gebeurtenissen waarmee we begonnen. Er is iets aan toegevoegd.
Van gebeurtenis naar ervaring
Een gebeurtenis blijft zelden alleen. We herkennen wat verschijnt, verbinden het met wat we al weten, herinneren ons eerdere gebeurtenissen, luisteren naar anderen en proberen te begrijpen wat het betekent.Er ontstaat een ervaring. En wanneer angst daarin verschijnt, kan die ervaring bijzonder overtuigend worden. Dat is niet vreemd.
Angst richt onze aandacht op gevaar. Zij vraagt niet rustig om een filosofische beschouwing. Zij wil weten: Ben ik veilig?
Vanaf dat moment kijken we gemakkelijk vanuit de dreiging naar de gebeurtenis. Een troepenverplaatsing wordt dan niet alleen meer een troepenverplaatsing.
Het wordt: Ze komen eraan.
Een dreigende uitspraak wordt: Dit bewijst wat ze van plan zijn.
Een investering in wapens wordt: Zie je wel, we moeten ons verdedigen.
Misschien klopt die conclusie. Misschien gedeeltelijk. Mogelijk niet.
Eén stap terug vraagt daarom niet dat we de conclusie ontkennen. Het vraagt iets moeilijkers: de conclusie even loslaten om opnieuw naar de gebeurtenis kijken.
Eén stap terug
We keren terug. Wat verscheen er daadwerkelijk?
Niet: Wat betekent het volgens mij?
Niet: Wat gaat er volgens deskundigen gebeuren?
Niet: Wat moet ik ervan vinden?
Maar eerst: Wat is er gebeurd?
Dat kan bijvoorbeeld zijn: Er zijn 20.000 militairen naar een grensgebied verplaatst.
Dat is iets anders dan: Er staan 20.000 militairen klaar om ons aan te vallen.
Het verschil lijkt klein. Maar in dat verschil bevindt zich een wereld. De eerste zin beschrijft zo nauwkeurig mogelijk een gebeurtenis. De tweede geeft daar betekenis aan. Die betekenis kan correct zijn. Maar juist omdat zij correct kán zijn, moeten we gebeurtenis en verklaring niet met elkaar verwarren.
Nu ontstaat ruimte
Wanneer we terugkeren naar de gebeurtenis, gebeurt er iets merkwaardigs. We weten plotseling minder. We weten dat de troepen daar staan. Maar waarom precies? Wat gaat er vervolgens gebeuren? Wat zijn de bedoelingen? Welke mogelijkheden bestaan er nog? Dat weten we misschien niet. En juist dat niet-weten kan ongemakkelijk zijn.
Een verhaal gaf zekerheid: Dit is de vijand. Dit wil hij. Dit moeten wij doen.
Eén stap terug neemt die zekerheid tijdelijk weg.
Niet om ons machteloos te maken, maar om opnieuw te kunnen kijken.
Dan verschijnt groepsdruk
Nu komt er nog iets bij. Stel dat je na die stap terug zegt: Ik weet niet of militair optreden de beste reactie is.
Iemand antwoordt: Dus jij vindt blijkbaar niet dat we ons land moeten verdedigen.
Kijk eens precies wat hier gebeurt.
Jij zei: Ik twijfel aan deze oplossing.
Daarvan wordt gemaakt: Jij bent niet loyaal aan onze groep.
Opnieuw kunnen we één stap terug.
Wat was de gebeurtenis? Iemand sprak twijfel uit over een voorgestelde handelwijze.
Wat werd eraan toegevoegd? Die twijfel betekent dat deze persoon niet achter ons staat.
Ook hier wordt een interpretatie gemakkelijk behandeld alsof zij onderdeel was van de oorspronkelijke gebeurtenis. En wanneer die interpretatie eenmaal vaststaat, verandert de discussie.
Het gaat niet langer over de vraag: Wat kunnen we het beste doen?
maar over: Aan welke kant sta jij?
De ruimte wordt opnieuw kleiner.
Dat is het interessante mechanisme
We hoeven daarvoor niet eens een kwaadaardige manipulator te veronderstellen.
Een regering kan angst bewust gebruiken. Een politieke beweging kan dat doen. Media kunnen een dreigingsbeeld versterken. Maar mensen kunnen elkaar ook onderling bevestigen totdat vrijwel iedereen vanuit hetzelfde verhaal kijkt. Dat maakt het mechanisme juist zo interessant. Het zit niet alleen bij de machthebber. Het zit in iets wat ieder mens kan overkomen: We verwarren wat verschijnt met wat we denken dat het betekent.
En hoe sterker de emotie, hoe gemakkelijker die twee samenvallen.
Eén stap terug betekent niet: de dreiging bestaat niet
Dit is essentieel. Wanneer je één stap terug doet, concludeer je niet: Er is helemaal geen gevaar.
Ook dat zou alweer een conclusie zijn. Je zegt evenmin: De regering liegt.
Ook dat kan een verhaal worden waarmee je naar iedere volgende gebeurtenis kijkt.
Eén stap terug kiest niet alvast een andere kant. Het doet iets veel eenvoudigers.
Het maakt opnieuw onderscheid tussen: wat verscheen en wat wij eraan toevoegden.
Daarna kunnen we opnieuw kijken.
Mogelijk ontdekken we dat de dreiging zelfs groter is dan we aanvankelijk dachten. Misschien ontdekken we dat zij kleiner is. Of zien we mogelijkheden die eerder buiten beeld bleven.
Het antwoord ligt niet vooraf vast. Dat is juist de bedoeling.
En laat je verrassen
Daarmee wordt oorlog slechts een indringend voorbeeld van iets wat voortdurend in ons dagelijks leven gebeurt. Je partner zegt iets. Je werkgever stuurt een kort bericht. De dokter vertelt over een onderzoeksuitslag. Je kind komt later thuis dan afgesproken. De bank stuurt een brief.
Er gebeurt iets.
Vrijwel onmiddellijk ontstaat een ervaring waarin herinneringen, verwachtingen, angst, verlangen en verklaringen kunnen verschijnen. En voor we het weten reageren we niet meer op wat er gebeurde.
We reageren op wat wij inmiddels denken dat het betekent.
Daarom kan één stap terug zo praktisch zijn. Niet om je verhaal te verbieden. Niet om emoties weg te drukken. Niet om gebeurtenissen minder ernstig te maken dan ze zijn.
Maar om opnieuw te kunnen vragen: Wat verscheen er eigenlijk?
En daarna: Kan ik ook op een andere manier naar deze gebeurtenis kijken?
Misschien verandert er niets. Misschien blijkt je eerste conclusie precies te kloppen. Maar er is iets wezenlijks teruggekeerd.
Ruimte.
De ruimte tussen gebeurtenis en conclusie. En in die ruimte ligt een vrijheid die angst gemakkelijk uit het zicht laat verdwijnen: de vrijheid om opnieuw te kijken voordat je besluit wat je doet.
De praktische beweging ‘één stap terug’ vormt de kern van ‘Tijd als ervaring’











No responses yet