Waarom zijn de dingen beter dan we denken?

Volgens onderzoek van Hans Rosling, dat hij beschrijft in zijn boek Feitenkennis, zijn we in het algemeen veel negatiever over de wereld dan deze in werkelijkheid is. Het is helemaal niet zo verwonderlijk dat negatief nieuws veel meer aansluit bij de beleving van de lezers dan positieve berichtgeving. Rosling geeft tien redenen, die hij ‘instincten’ noemt, waarvan ik er drie in het kort zal bespreken.

Rosling, een in 2017 gestorven Zweeds professor in internationale gezondheid, wil zijn data inzetten als een soort therapie, omdat de wereld niet zo dramatisch is als we deze ons voorstellen. Hij vindt dat we onze over dramatische kijk op de wereld beter vervangen door een die gebaseerd is op feiten.

Het eerste ‘instinct’ is het instinct van de kloof. Volgens Rosling hebben mensen de neiging alles in twee conflicterende groepen te verdelen. Bijvoorbeeld ‘ontwikkelde landen’ en ‘ontwikkelingslanden’, of het Westen en de rest, laag en hoog inkomen, enzovoort.

De Zweedse professor betoogt dat er geen kloof meer is tussen ‘ontwikkelde landen’ en ‘ontwikkelingslanden’ omdat er ondertussen een hele grote groep landen is gekomen tussen die twee uitersten. Er zijn nog maar 9% lage inkomenlanden en zelfs deze zijn veel meer ontwikkeld dan het negatieve beeld dat wij hierover hebben. De meerderheid is ook geen hoog inkomenland, maar zit er ergens tussenin. Vandaar dat Roslang suggereert om met vier niveau’s te werken met twee grote midden groepen. De meeste westerse landen zullen dan in niveau 4 zitten.

Het instinct van de kloof zorgt dat we denken in verdeeldheid en tegenstelling, terwijl er juist van de ene naar de andere een zachte overgang is. Met andere woorden die tegenstelling is niet zo groot als we geneigd zijn ons deze voor te stellen.

Volgens onderzoek is de meerderheid van de wereldbevolking ervan overtuigd: ‘De wereld wordt steeds slechter”. Dit noemt Rosling het ‘instinct van de negativiteit’. We merken eerder zaken op die negatief zijn, dan de positieve. De wereld wordt volgens de professor helemaal niet slechter, maar steeds beter. Hij weet dit ook nog te onderbouwen. Door er onder andere op te wijzen dat extreme armoede maar 9% is (in 1800 was dit 85%) en de gemiddelde levensverwachting meer dan verdubbeld is in 200 jaar. Hetzelfde geldt voor misdaden, die afnemen in plaats van toenemen. In zijn boek komt hij met tal van voorbeelden op de proppen.

Tot slot het ‘instinct van de rechte lijn’. Een goed voorbeeld hiervan is het algemeen geldende idee dat ‘De wereldbevolking eindeloos toeneemt’. Ook hiervan zegt Rosling dat dit helemaal niet klopt. Experts van de Verenigde Naties verwachten namelijk dat er in het jaar 2100 evenveel kinderen zullen zijn als nu. Bij 10 tot 12 miljard mensen zal het aantal gelijk blijven op dit niveau.

Zodra mensen niet meer extreem arm zijn, hebben ze geen grote families meer nodig om te overleven. Dus als ze welvarender worden, zullen zij minder kinderen nemen. Met andere woorden door de extreme armen te helpen zullen er niet meer, maar juist minder kinderen geboren worden.

Rosling komt niet alleen met tal van nieuwe inzichten, maar hij heeft ook onderzocht op welke manier mensen in het algemeen naar omstandigheden kijken en helaas is dat meestal negatief!

Feitenkennis

Rob Vellekoop, 20 augustus 2018

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie