Kassa

Foto Henk Joosen

Bijdrage van Henk Joosen*

Om kwart voor sluitingstijd draaideurde ik de supermarkt binnen. Typisch een gevalletje valreep. In mijn hoofd had ik een draagkarton met lekkere biertjes. Dat is zo gekocht en geeft gemakkelijk weg.

Een hele muur vakken bier. Flessen, blikken, vaatjes. Hoog gegist en laag. Bok, Trappist, blond, wit, donker en bruin. In het land van bier wordt het beestje nog gewoon bij de naam genoemd. Gezegend met een eerbiedwaardig aantal kilometers op de teller wist ik al snel een verantwoorde keuze te maken. Ik zette een mooi kwartet in mijn mandje. Alleen de financiën nog afhandelen.

Meestal kies ik de verkeerde rij. Vandaag had ik geluk. Er viel niets te kiezen. Zes klanten hadden hun geld veilig op kassa 1 gezet. Vooraan was een vrouw druk in de weer haar maandvoorraad op de smalle band te stouwen. De toch niet echt langzame caissière kon haar nauwelijks bijhouden, terwijl een paniekerige inpakechtgenoot het overzicht verloor tussen zakken chips en blikken soep.

Iemand met een deugdelijke microfoon en een vooruitziende blik stelde hulp voor bij de onder druk staande kassa. Het bloemenmeisje schijnbewoog wat in onze richting. Bij kassa 2 deed een jongen met een schort wat onduidelijks met een sleutel. Zijn vragende blik beloofde niet veel goeds.

Langs de wachtrij beende een man van een jaar of 65 regelrecht naar de nieuwe kassa. Zonder op of om te kijken leegde hij zijn mandje. De morrelende jongen keek verbaasd op. Verrassend genoeg besloot hij al even kordaat aan de slag te gaan.

‘Is dat normaal?’ klonk het achter me. Een dertiger met een petje op begaf zich naar het plaats delict.

Onverstoorbaar legde 65 een rol vuilniszakken op de band. ‘Ik zie niks vreemds.’

‘Daar staat een hele rij,’ wees mijn voormalige achterbuur. ‘Die waren allemaal vóór jou aan de beurt.’

‘Misschien willen die wel niet pinnen,’ glimlachte 65. ‘Dit is een pinkassa.’

‘Wat denk je zelf?’

65 haalde zijn schouders op en stopte zijn pasje in de gleuf. Er gebeurde niets. Schorthulp gaf een klap op het apparaat, dat wonderbaarlijk tot leven kwam.

Inmiddels werd ook ik geholpen.

‘Je had beter in je rij kunnen blijven,’ zei 65 fijntjes. Hij verzamelde zijn spullen.

De mevrouw van de klantenservice was het beu. ‘Als jullie nú willen ophouden!? Want híer hebben we geen zin in.’

‘Ik ben geen klein kind, zeg,’ foeterde de pet.

‘Wilt u zegeltjes?’ vroeg mijn caissière.

Op weg naar de uitgang liep hij schuin voor me. 65 en zelfvoldaan. Dat laatste moet de doorslag hebben gegeven. Ik versnelde mijn pas en glipte net voor hem de draaideur in. Ik keek zelfs nog even over mijn schouder. Dat zou hem leren.

Henk Joosen, 21 april 2019

Uit: Kort en Klein

www.HenkTekst.nl

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*


Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.